Haarlemse Voordrachten
1946 Dr J.A. Bierens de Haan. Het probleem van de intelligentie bij dieren. (I)
1946 Dr Jac. van Ginneken. Het mysterie der menschelijke taal. (II) (uvk)
1946 Jhr Mr W.J.M van Eysinga. Eenige beschouwingen over het internationaal instituut van den Noord-Nederlandschen Staat sedert zijn ontstaan, en Eenige beschouwingen over ons land te midden van de naoorlogsche wereld. (III/IV)
1947 Dr J.A.J. Barge. De betrekking tusschen vorm en functie als biologisch probleem. (V)
1947 Dr A.D. Fokker. Verbeelding en geloof in de wetenschap. (VI)
1948 Dr J.H.F. Umbgrove. Symphonie der aarde. (VII)
1949 Dr A.J. Kluyver. Homo militans. (VIII)
1950 Dr M.G.J. Minnaert. Met kijker en integraal. (IX)
1951 Dr E.J. Dijksterhuis. Christiaan Huygens. (X)
1952 Dr B.G. Escher. Lascaux als aanrakingspunt van Geologie, Praehistorie en Kunst. (XI)
1953 Mr A. Staring. Wetenschap, waarheen? Traditie en toekomst. (XII)
1954 Jhr Dr P.J. van Winter. De Zeven Provinciën. (XIII)
1955 Dr H.R. Kruyt. Ordening op het gebied van het wetenschappelijk onderzoek. (XIV)
1956 Dr E. van Slogteren. Plantendokter. (XV)
1956 Dr B.A. van Groningen. Apollo. (XVI)
1957 Dr J. Jongbloed. Homo Volans. (XVII)
1958 Dr G.J. van Oordt. De oriëntatie van de trekvogel. (XVIII) (uvk)
1959 Dr A. Charlotte Ruys. Keerzijden van vooruitgang. (XIX) (uvk)
1960 Dr H.M.J. Oldewelt. De taal, onze burcht en gevangenis. (XX) (uvk)
1961 Jhr Dr D.J. van Lennep. Creatieve begaafdheid. (XXI)
1962 Dr O. Bottema. Wat te bewijzen was. (XXII)
1963 Dr H.C. van de Hulst. Middel en doel in de Sterrekunde. (XXIII)
1964 Dr D.J. Kuenen. Insectenplagen, ontstaan en bestrijding. (XXIV)
1965 Dr D.W. van Krevelen. Synthetische stoffen. (XXV)
1966 Dr A.C.S. van Heel. Lenzen. (XXVI)
1967 Ir J.Th. Thijsse. Nederland moet samen met het water leven. (XXVII)
1969 Dr W. Glasbergen. Nogmaals HVS/DKS. (XXVIII)
1969 Jhr Ir C.C.Th. de Beaufort. Het behouden van bouwwerken uit de oudheid. (XXIX)
1970 Dr I. Boerema. Chirurgie onder hoge atmosferische druk. (XXX)
1971 Dr A. Quispel. Vijf miljard jaren wereldgeschiedenis. (XXXI)
1972 Dr J.H. Oort. De oorsprong van het heelal. (XXXII)
1973 Dr M.A. Beek. Uit het Hebreeuws in het Nederlands. (XXXIII)
1974 Dr J. Tinbergen. De integratie van de ontwikkelingspolitiek en milieubeleid. (XXXIV)
1975 Dr A.A. Thiadens. De geologie in de Nederlandse samenleving. (XXXV)
1976 Dr W.J. Kolff. Kunstmatige organen, vandaag en morgen. (XXXVI)
1977 Dr Mr C.A. van Peursen, Dr Ir A.E. Pannenborg, Mr F. Kranenburg. De plaats van de wetenschap in de huidige en toekomstige samenleving. (XXXVII)
1978 Mr B.V.A. Röling. Enkele aspecten van de processen van Neurenberg en Tokio. (XXXVIII)
1979 Dr H.B.G. Casimir. De kringloop van de natuurkunde en de techniek in de 20e eeuw. (XXXIX)
1980 Dr E.M. Uhlenbeck. Het wonder van de natuurlijke taal. (XL)
1981 Dr. E. Zürcher. China na Mao. Modernisering en wetenschap. (XLI)
1982 Dr D. de Wied. Stoffelijke beïnvloeding van het geheugen. (XLII)
1983 Dr S. Dresden. Bezig zijn met literatuur. (XLIII)
1984 Dr E. den Tex. Vulkanisme. (XLIV)
1985 Dr J. Mansfeld. Absolutisme en relativisme. (XLV)
1986 Dr A.A. Verrijn Stuart. De computer een huisdier. (XLVI)
1987 Dr Ir N.W.F. Kossen. Biotechnologie op maat. (XLVII)
1988 Dr D.M. Schenkeveld. Homerus (1752-1988). Visies op het gesprek tussen Hector en Andromache. (XLVIII)
1989 Dr P. Borst. Hoe kanker ontstaat. (XLIX)
1990 Mr P.H. Kooijmans. Mensenrechten - Panacee voor alle kwalen? (L)
1991 Dr H.W. von der Dunk. Tijd en cultuur in de twintigste eeuw. (LI)
1992 Dr J. Bruyn. Rembrandts werkplaats. (LII)
1993 Dr F.W. Saris. Het Siliciumtijdperk. (LIII)
1994 Dr W.J.M. Levelt. Onder woorden brengen - beschouwingen over het spreekproces. (LIV))
1995 Dr J.C. Zadoks. Gewasbescherming, kruis of munt. (LV)
1996 Dr O.J. de Jong. Religieuze inspiratie rond eeuw en millenium. (LVI)
1997 Dr E.P.J. van den Heuvel. Neutronensterren, Supernovae en Zwarte Gaten. (LVII)
1998 Dr W.A. Wagenaar. Aan beide zijden van de bijl. (LVIII)
1999 Dr D.W. Erkelens. Van Anitschkov tot McDonald's. (LIX)
2000 Dr W.P. Blockmans. Het keizerschap van Karel V: Europese droom versus regionale werkelijkheid. (LX)
2001 Dr A.D.M.E. Osterhaus. Een onzichtbare dreiging in een nieuw tijdperk (LXI)
2002 Symposium ter gelegenheid van het 250-jarig jubileum. Voordrachten gehouden op 25 mei 2002 in de Doopgezinde Kerk te Haarlem. (LXII)
2003 Dr Ernestine G.E. van der Wall. Is godsdienst schadelijk? De Verlichting en de grenzen van de godsdienstkritiek. (LXIII)
2004 Dr. H.W. Lenstra. Riemann, Escher en Droste. (LXIV)
2005 Mr Arend Soeteman. Zijn veilige rechten wel veilig? Over de spanningen tussen fundamentele rechten en de bestrijding van de misdaad. (LXV)
2006 Dr Gerrit van Dijk. Geloof in de wiskunde. Over de getallen van Fibonacci in kunst en literatuur, hun goddelijke status en een discussie over religie en wiskunde. (LXVI)
2007 Dr F.A.G. den Butter. Nederland als transactie-economie: regievoering en handel hebben de toekomst. (LXVII)
2008 Dr Carlo W.J. Beenakker. Magische Technologie (LXVIII)
2009 Dr Frits P. van Oostrom. Boek in aanbouw. Over de veertiende eeuw als verre spiegel. (LXIX)
2010 Z.K.H. De Prins van Oranje. Water als basis voor menselijke ontwikkeling. Met een co-referaat van Dr. Rudy Rabbinge. (LXX)